Vol bewondering kijk ik naar het programma “ik vertrek”. Mensen die alles achterlaten en vertrekken naar het buitenland met een droom voor de toekomst. Allemaal zijn ze het zat in Nederland, allemaal zoeken ze rust en ruimte. Ze gaan als koppel of met een heel gezin. Familie leden hebben het er moeilijk mee, maar zij gaan vol enthousiasme en optimisme op weg naar hun nieuwe thuis.

De meesten krijgen het alleen maar drukker. Ze gaan gasten ontvangen, enorme verbouwingen aan en van rust is de eerste jaren geen sprake. Ook in andere landen moet je vergunningen aanvragen, belasting betalen, je zorg goed regelen, communiceren in een taal die niet je moedertaal is. 

Net als wij 3 jaar en 9 maanden geleden. We namen een groepsaccommodatie over en wilden daarnaast een mini-camping beginnen met een safari-tent. Of we er van zouden kunnen leven hebben we ons niet afgevraagd.

We gingen het gewoon doen!

Aan de gîte hoefden we niet veel te doen. Vooral veel schoonmaken en wat schilderen. Voor de camping moesten we water en elektriciteit aanleggen. De eerste maanden lag er echter sneeuw en konden we weinig doen. We genoten vooral van de prachtige plek waar we zomaar mochten wonen. Toen de sneeuw weg was begon het werk.

P1010513            DSCF2320

Het eerste jaar liep de gîte niet onaardig en hadden we voornamelijk bekenden op de camping. Het tweede jaar liep de gîte nog iets beter en waren er bijna geen kampeerders. Nu zijn we bijna 4 jaar verder, lopen de gîte en de camping heel erg goed en zijn er nog steeds nieuwe plannen. Iedereen wil boven op het veld kamperen, daar waar het uitzicht is. De camping is dus nu boven en de elektriciteitskastjes gaan we van het voorjaar verplaatsen naar dat veld. De waterkraan gaan we dan ook verplaatsen zodat hij dichter bij de kampeerplekken staat. De kampvuurplaats komt midden in het “bloemenveld” want we zijn twee huisjes aan het bouwen en de vuurplaats is te dichtbij. Uiteindelijk zullen we de huisjes ook gaan verhuren, zodat ook in voor- en najaar en de winter mensen met hun gezin kunnen komen.

Na vier jaar weten we beter wat we wel en niet willen. Welk publiek we graag willen aantrekken. We krijgen zoveel leuke gasten! Ons bedrijf leeft en groeit, net als wij.